MBO onderwijs

Binnenkort ga je studeren aan het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). De meeste studenten ervaren dit als een flinke overstap. Er wordt meer zelfstandigheid van je gevraagd dan je misschien gewend was op het voortgezet onderwijs. Wat zijn andere belangrijke dingen om te weten over het mbo?

  • Wat betekenen de niveaus op het mbo?

    Het mbo heeft opleidingen op 4 niveaus. Voor elk niveau gelden andere toelatingseisen. Ook het aantal jaar dat je naar school gaat verschilt.

    • Niveau 1
      Vooropleiding: Geen diploma vereist, minimaal 16 jaar op 1 augustus
      Duur: 1 jaar
      Doorstromen: mbo niveau 2
    • Niveau 2
      Vooropleiding: Diploma vmbo basis/kader/GL/TL(MAVO) of een diploma mbo niveau 1
      Duur: 1-2 jaar
      Doorstromen: mbo niveau 3 of 4
    • Niveau 3
      Vooropleiding: Diploma vmbo kader/GL/TL(MAVO), diploma mbo niveau 2 of een overgangsbewijs Havo / VWO van leerjaar 3 naar 4
      Duur: 2-3 jaar
      Doorstromen: mbo niveau 4
    • Niveau 4
      Vooropleiding: Diploma vmbo kader/GL/TL(MAVO), diploma mbo niveau 2 en 3 of een overgangsbewijs Havo / VWO van leerjaar 3 naar 4
      Duur: 3-4 jaar
      Doorstromen: hbo

    * Voor de opleidingen in de richting sport, dans en muziek gelden aanvullende eisen. Check de opleidingspagina’s van deze opleidingen voor meer informatie.

  • Wat is het verschil tussen BOL en BBL?

    Het mbo heeft twee verschillende leerwegen: BOL en BBL. Zij verschillen van elkaar in de verdeling tussen theorie en praktijk.

    BOL

    BOL staat voor beroepsopleidende leerweg. Bij een BOL-opleiding ga je de hele week naar school en doe je praktijkervaring op tijdens de stage bij een erkend leerbedrijf.

    BBL

    BBL staat voor beroepsbegeleidende leerweg. Bij een BBL-opleiding ga je één dag per week naar school en werk je een minimaal aantal vastgestelde uren per week bij een erkend leerbedrijf.

  • Hoe ziet een mbo-opleiding eruit?

    Een mbo-opleiding bestaat uit verschillende delen onderwijs. Dit noemen we de kwalificatiestructuur.

    • Basisdeel (50% van het onderwijs)
      In dit onderdeel vind je de brede basisvakken die elke student in deze beroepsrichting volgt. Ook volg je algemene vakken zoals taal, rekenen, loopbaan en burgerschap.
    • Profieldeel (35% van het onderwijs)
      Het profieldeel geeft vorm aan de specifieke onderdelen van een opleiding die niet gelden voor alle opleidingen in deze beroepsrichting. Op je diploma komt de naam te staan van dit profiel (het kwalificatiedossier)
    • Keuzedelen (15% van het onderwijs)
      Dit is een deel van je studie dat je relatief vrij kan invullen. De opleidingen bieden vaak keuzedelen aan die verbredend of verdiepend zijn en bijdragen een betere in- of doorstroom naar een vervolgopleiding. Denk aan keuzedelen als ondernemerschap, duits, fitness of voorbereiding hbo.
  • 60% theorie, 40% praktijk

    Bij ons volg je een beroepsopleiding. Leren in de praktijk staat dus centraal. Bij alle opleidingen krijg je theorielessen en praktijklessen. De praktijk halen we in school, bijvoorbeeld door opdrachten in praktijklokalen.

    Bij elke opleiding is stage een belangrijk onderdeel. Tijdens je stage leer je hoe je jouw toekomstige beroep uitvoert. De verhouding tussen theorie en praktijk is 60/40.